
Wie wij zijn
Ons Verhaal
Wij zijn Kim, Ward Sunny & Belle.
Kim woonde al eerder in Spanje (Barcelona), heeft jarenlange horeca-ervaring, bekleedde ongeveer elke functie bij een groeiend camera verhuurbedrijf, en doet tussendoor fotografie klussen. Ze droomde vroeger al van lange tafels vol vrienden. Dat iedereen na een drukke werkweek bij haar langs zou komen om aan te schuiven voor gezellige avonden. Ze zou willen dat haar moeder haar nu kon zien, die zei: ‘Blijf toch in Spanje, daar ben je gelukkig’.
Sunny is bijna vier en wil regelmatig proosten ‘op Spanje’. Hij herkent bijna alle automerken op straat, houdt van uitslapen maar begint zodra hij wakker is te kletsen en houdt daar pas als hij weer gaat slapen mee op. Hij wil nog graag reizen naar Canada, Mexico en Nieuw-Zeeland. Hij betaalt wel, aldus Sunny zelf. Één van zijn eerste Spaanse zinnen was dan ook niet verrassend: ‘con tarjeta por favor’. (‘Mag ik pinnen?’)
Belle is nog maar vier maanden oud, maar heeft al een zeer kritische blik. Nu haar wereld steeds groter wordt, verschijnt er ook regelmatig een schaterlach, helemaal als ze haar broer ziet. Sunny noemt haar ook wel ‘de spenentuffer van l’Ampolla’. Ze zal haar eerste stappen zetten op de Finca en de rest van de familie er in het Catalaans allemaal uitlullen.
Ward leeft al zijn hele leven in, en net naast Amsterdam. Hij groeide op in de weilanden van Broek in Waterland. En werkt als freelance cameraman en gaffer. Hij kijkt uit naar het buitenleven op de Finca en wil zich gaan verdiepen in de lokale keuken. De lijst van dingen die hij wil gaan doen wordt langer en langer. Hij wil een bootje kopen om mee naar Italië te varen, er moet een pizzaoven worden gebouwd, een brommer met een bak erop voor de kinderen, en er wordt grappend gesproken over een kattenshelter. Kim vindt dat laatste iets minder grappig.


Twee jaar geleden begon onze zoektocht naar een nieuw thuis in Spanje, minder Coentunnel en meer zee & bergen. Eerder woonde ik, Kim, al in Barcelona.
Ik was 25, niet klaar voor een vaste baan en op zoek naar vrijheid. Anno 2026 ligt dat feestleven al jaren achter me, en zijn het twee kleine kinderen die de nachtrust verstoren.
Het leven in Nederland is goed, maar sluimerend bleef het altijd op de achtergrond, het verlangen naar een vrijer leven met een minder volgeplempte agenda en meer aandacht voor het nu. Random prikte ik een plek op de kaart. In de buurt van mijn vrienden in Barcelona, vlakbij een rivier in de hoop dat het nog een beetje groen zou zijn, en nog niet mega druk of mega duur.
En zo vertrokken we in mei 2024 voor het eerst naar l’Ametlla de Mar. Niet meer in m’n eentje met een rugzak en €300 op zak, maar in de auto, met tent en Ward en Sunny erbij. Dat was eigenlijk het begin van een lange zoektocht met een plan waar aan geschaafd en geschuurd werd, terwijl we onderweg waren.
Een keer of zes gingen we op en neer vanuit Nederland, meestal met de auto in 3 dagen naar het Zuiden. We hebben misschien wel 40 huizen gezien, allemaal op dat kleine stukje Spanje.
Het mooie van deze regio (Baix Ebre) is de wilde natuur, kleine baaitjes omgeven door roodgekleurde rotsen, goed eten, en vooral veel ruimte. De huizen, vaak omgebouwde oude schuren, in de heuvels en bergen hier, hebben niet zelden 1 of 2 of zelfs 8 hectare grond, veelal begroeid met olijfbomen.
Maar we waren niet de enigen die deze plek op de kaart hadden geprikt. Prijzen stegen, makelaars passeerden in alle soorten en maten de revu en elk huis leek wel iets illegaals aangebouwd te hebben. We hoefden ons daar geen zorgen over te maken, aldus de mensen hier. En vanuit Nederland kregen we ondertussen artikelen opgestuurd over Nederlanders die de mist in waren gegaan met het kopen van een huis in Spanje.
Toen Belle werd geboren in oktober 2025, was het tijd om door te pakken. We huurden een appartement en vertrokken op hoop van zegen op 31 december, in de camper van ‘opa camper’. We streken neer in l’Ampolla en gleden al vrij snel in het goede Spaanse leven. Het duurde niet lang of we leerden mensen kennen, vielen al snel op in dit pensionado dorp met 3000 inwoners. En elke dag de hamvraag: gaan we vandaag naar het terras met de witte stoelen of het terras met de zwarte stoelen?
Ondertussen was de zoektocht onzeker. We konden opmerkingen als ‘het juiste huis komt vast op jullie pad’, niet meer aanhoren. Na het bezichtigen van een nieuw Spaans architectonisch dieptepunt met uitzicht op een tankstation, reden we naar Finca Tivissa. ‘Hoeven we eigenlijk niet te zien, want te duur en denk ik niks’, waren mijn famous last words. Anderhalve week later zetten we onze handtekeningen en begin mei duiken we in het grote nieuwe avontuur, én in ons zwembad: Finca Tivissa




